Om u de beste gebruikservaring te kunnen bieden, gebruiken wij cookies. Voor meer inhoudelijke informatie en het onderscheid die wij hier in maken, verwijzen wij u door naar ons Cookie beleid

Accepteer cookies

voer

Mijn visie op lokvoer



Geheim of niet

Ja, ook ik heb net als de meeste (wedstrijd)vissers meegedaan aan de mystiek rond het lokvoer. En ja, ik ben ook nog steeds nieuwsgierig naar het voer dat de cracks gebruiken op de grote wedstrijden en naar alle voernieuwtjes in de media. Op zoek naar de gouden combinatie heb ik in de loop der jaren tal van bijzondere zaken door mijn voer gemengd. Van vakantie bracht ik bijvoorbeeld mee: teerdruppels in een flesje uit een drogisterij in Frankrijk, zavel geschept bij een afgraving in Luxemburg, löss geschept in Limburg en fosfaat uit een piepklein hengelzaakje ergens midden in België. Uit moeders keuken probeerde ik maggipreparaten en konimexproducten. Uit de boerensloot haalde ik kalmoesstronken, droogde deze en vermaalde ze tot poeder. Bij een bevriende duivenmelker haalde ik wekelijks verse duivenmest, maakte daar een prachtige groene soep van om daarmee het droge voer weer aan te maken. De stelregel was in feite, wat jij gebruikt moet niemand anders gebruiken. Wanneer ik dan een nieuw voertje had uitgedokterd begon ik de wedstrijd met een psychologische voorsprong. Maar als bleek dat ‘mijn geheim’ geen wonderen verrichtte – en dat was meer regel dan uitzondering – was ik weer snel terug op aarde. Jaren geleden zorgde een toonaangevend hengelsportblad voor ophef door het geheime voertje van een kampioen prijs te geven. Als de kippen was ik er bij in de hengelsportzaak om de bewuste ingrediënten te kopen. Maar ik was te laat, het spul was uitverkocht. Er waren meer kapers op de kust, zij hadden dat visblad ook gelezen. Door schade en schande wijs geworden prik ik tegenwoordig door die hele materie heen. De kreet 'geheim lokvoer' heeft voor mij een andere dimensie gekregen. Geheim voer, d.w.z. een onder alle omstandigheden vangend voertje, bestaat ook niet verkondigen alle hengelsportbladen tegenwoordig.



Kant-en-klaar of niet

Diezelfde bladen publiceren frequent voerrecepten die de cracks gebruiken, meestal zijn dat combinaties van lokazen die de voergiganten (sponsoren) produceren. Door contractuele en commerciële verplichtingen gebruiken de cracks dat zogenaamde kant-en-klaar-voer en promoten zodoende hun sponsor. Daar is helemaal niets mis mee, evenmin met dat voer. Zo’n voergigant kan zich natuurlijk niet permitteren om rommel te verkopen. Met elkaar brengen zij in Europa honderden verschillende soorten lokvoer op de markt. Voor elk denkbare situatie is er wel een voertje, bijvoorbeeld afgestemd op een bepaald water, op de hengel waarmee je gaat vissen of op de vissoort die je wenst te gaan vangen. Je koopt simpelweg een pak kant-en-klaar-voer, maakt dit volgens de gebruiksaanwijzing klaar en vissen maar. Maar die grote hoeveelheid soorten kan de gewone hengelaar ook parten spelen, hij ziet namelijk door de bomen het bos niet meer. Velen vinden het gebruik ook te duur en vullen het daarom aan met een minder kostbaar product. Voor die mensen heb ik een tip.



Mijn tip

Kies uit het assortiment van bijvoorbeeld Sensas, Van den Eynde of Mondial een bepaald voer en houd dat voorlopig aan. Koop een aantal losse bestanddelen en meng deze in de volgende hoeveelheden door elkaar: 3 delen broodmeel, 1½ deel (gezoete) mais, 1 deel polenta en ½ deel koekjesmeel. Deze combinatie (jouw basisvoer), waar overigens al heel goed mee te vissen is, meng je met 1 of meer delen (zelf uitknobbelen) van het eerder gekozen kant-en-klaar-voer. Een deel is een beker of een (groente)blik. Het aldus verkregen mengsel beschouw je als ‘jouw lokvoer’. Probeer het een aantal keren uit om er vertrouwen in te krijgen. Ben je met jouw voer vertrouwd geraakt dan kun je het, afhankelijk van de situatie, eventueel verder afmaken met een werkend deel (gemalen hennepzaad, kokosmeel of havermout) en/of met smaakmakers (koriander, Rotaugen, melasse of kaneel). Belangrijk vind ik dat de gekochte ingrediënten vers zijn (en blijven). Als je jouw combinatie dan ook nog met beleid en op de juiste manier bevochtigt (in 2 of 3 keer) en daarna door een zeef drukt, moet het wel heel raar lopen wil je er geen visje mee vangen.



Nog meer aspecten

Hierboven beschreven methode van samenstellen pas ikzelf al vele jaren toe, waarbij Turbo en Beet van Van den Eynde als kant-en-klaar-voer mijn favorieten zijn.  En natuurlijk maak ik ook wel eens een uitstapje naar andere merken, zo voeg ik BioMix van Mondial toe als het echt om de brasem gaat. De nieuwste producten van Mondial vind ik trouwens heel interessant om uit te proberen. Tegenwoordig koop ik ook wel een zak basisvoer van de hengelsportwinkelier en neem dát voer als vertrekpunt. Gemak dient de mens, niet waar? Al met al heb ik vele verschillende combinaties gebruikt, sommige kortstondig, andere langdurig. Bij de samenstelling heb ik altijd rekening gehouden met aspecten als wel of geen stroom, diep of ondiep, helder of troebel water, voorn of brasem. Essentieel bij het klaar maken van het voer is verder nog het gebruik van een droge- en natte basis en het feit of het zomer of winter is. De laatste twee aspecten zal ik er nog even uitlichten.



Natte en droge basis

Een klassiek voorbeeld voor de voorn is om gemalen hennep de avond voor het vissen met ruim kokend water te overgieten en gedurende de nacht te laten afkoelen. De volgende dag meng je deze ‘natte basis’ met de droge bestandsdelen. Met TTX (gemalen maiskoek) kan je de techniek van de natte basis heel goed gebruiken voor de brasem. Kokosmeel aanmaken met koud water en het papje dat op die manier ontstaat mengen met je droge basis levert een overnat voer op dat erg geschikt is voor het vissen op bliek in stilstaand water. De droge basis aanmaken met een natte basis van gedroogde duivenmest kan weer een gunstige uitwerking hebben bij het vissen op voorn én brasem. Polenta in combinatie met kokend water levert een erg stevige brei op die wellicht geschikt is voor de brasem in stromend water, maar het eindresultaat van het voer is vaak niet meer te controleren. Vaak is het voldoende om voor kanalen met scheepvaart wat extra collant door je droge basis te mengen. Melkpoeder naar de waterkant meenemen en dan toevoegen aan je aangemaakte voer zorgt voor een extra stukje kleefkracht als er bijvoorbeeld veel wind staat en je last hebt van een stevige onderstroom. Met grove polenta kan desgewenst het tegenovergestelde effect worden bereiken. Als je feedervoer te stevig is en je bij het ophalen voortdurend merkt dat de voerkorf nog vol is, kan een handje grove polenta door het voer dit losser maken.



Verschil winter en zomer

Wat betreft de ingrediënten in de basisrecepten maakt dat echt niet zo veel verschil uit. In de winter gebruik ik natuurlijk minder voer dan in de zomer. Volgens de theorie moet je in de winter extra zuinig zijn met voedende bestanddelen. Dat zijn met name die bestanddelen met een hoog vet/olie gehalte. Je kunt het olie gehalte verminderen door bestanddelen zoals gemalen hennep of archide (pinda-meel) te grillen in een hete koekenpan. De lucht van geroosterde pinda’s in de keuken is wel aangenaam, maar of er van extra vangkracht sprake is ……. Je kunt al te vette bestanddelen natuurlijk ook gewoon vermijden. Verder wordt het advies gegeven om de droge bestanddelen in de winter met een mixer extra fijn te malen. Bekend van de verse-de-vase-vissers in de winter is dat zij aarde of leem gebruiken als hoofdbestanddeel van het voer, vooral op dagen dat het een moeilijke visserij dreigt te worden. In combinatie met maden of casters en onder normale omstandigheden ligt gebruik van gewoon voer meer voor de hand, omdat de kleefkracht daarvan beter te controleren is en natuurlijk vanwege de voedingswaarde.



Notities maken

Heel belangrijk is natuurlijk ook het maken van notities. Hoe was de samenstelling van het voer, hoeveel van dit, hoeveel van dat? Veel hengelaars weten vandaag al niet meer waar zij de vorige week mee hebben gevist, laat staan dat zij weten hoe de dosering was van de gebruikte ingrediënten. Zelf heb ik jarenlang mijn samenstellingen én het behaalde resultaat genoteerd. Raadpleeg in dit kader ook deze tabel van HSV Moordrecht eens. Hierop vind je een voertabel ingedeeld naar basiselementen, werkende delen, bindkracht en smaakmakers. http://hsvmoordrecht.keesjo.nl/pages/extras/voertabel.php



Vaste stok of feeder

Het bovenstaande geldt in feite zowel voor het vissen met de vaste hengel als met de feeder, het uitgangspunt is identiek. De echte feederaars zullen nu zeggen dat het voer voor de korf grover, minder werkend en eenvoudig van samenstelling moet/kan zijn. En daar hebben ze gelijk in. Met name buiten het winterseizoen levert grof vissen en frequent brengen van levend aas dikwijls veel (grote) vis op. Maar in de winter heb ik met zogenaamd werkend vaste stok voer in de korf ook meerdere keren heel aardig gevangen. Ook op het feedervissen spelen de voergiganten nadrukkelijk in en brengen vele soorten feedervoer op de markt. Zelf heb ik langdurig DS Feeder gebruikt in de verhouding 2 delen DS en 1 deel broodmeel.

Conclusie

Ik heb zelf nooit grote verschillen in resultaat tussen de gebruikte lokvoeders ondervonden, andere misschien wel. Natuurlijk heb ik wel eens uitschieters (gehad), maar om dat succes dan direct toe te schrijven aan het gebruikte voer….? Anderzijds gebeurt het ook dat je buurman een net met vis vangt, terwijl jij een paar zielige visjes op de weegschaal brengt. Moet je jouw lokvoer dan direct dumpen? Veel eerder schrijf ik succes toe aan de techniek of tactiek van de visserij en het geluk van de dag, in combinatie met het vertrouwen in eigen voer. Maar ook in deze situatie komt het soms verdacht veel voor dat dezelfde personen zich in de prijzen vissen. Mijn slotconclusie is daarom: als jij goed vangt dan vangen anderen dikwijls ook goed en vang jij slecht dan brengen de meeste het er ook slecht vanaf.